“Hey Andhi, hoe gaat het met je?”
Een vraag als een andere. Weinig geïnspireerd, dat wel, maar ze wordt toch o zo vaak gesteld. En het antwoord gaat dan zo:
“Wel, eum… Niet zo goed eigenlijk. Er zit zo ongelooflijk veel in mijn hoofd de laatste tijd. Ik produceer gedachten aan duizend per uur, maar ze leveren zelden iets op. Of toch niets concreets. Integendeel zelfs. Er zit zoveel in mijn hoofd dat niets afgerond wordt en dat er niets uitkomt. Ik blokkeer dus eigenlijk een beetje.
Het lukt me echt heel moeilijk om het werk te doen dat ik moet doen, om deadlines te halen, om af te spreken met de vrienden die ik al lang niet meer gezien heb, om te doen wat van mij verwacht wordt in het huishouden, om een plaats te zoeken en te vinden waar ik tot rust kan komen.
Het leven gaat echt aan een rotvaart, en ik kan niet mee. Ik doe heel hard mijn best hoor, daar niet van, maar het lukt niet echt. Ik laat dat meestal wel niet blijken, en er zijn wel trucjes om te camoufleren hoe je je voelt. Maar the inner me, die is echt zwaar naar de kloten.”
Dat is wat ik soms zou willen zeggen. Meestal hou ik het op:
“Bwa, gaat wel. Met jou?”
Coming up: een weekje verlof, to get my shit back together.