De week van (lb) — deel 2

Vorige week is Dick Richie er mee begonnen, en als een volleerde estafetteloper heb ik zijn stokje overgenomen. Deze week mocht ik dus de schrijfsels van de intussen legendarische (lb) opvolgen.

Maandag begon meteen al goed, want “Britney dumpt haar smossende paparazzovriend” en vulgaire werkwoordsvormen halen zonder probleem de titel van een artikel.

“Rihanna is trots op haar kont”, weet (lb) ons op dinsdag te vertellen. Hij juicht deze uitspraak niet alleen persoonlijk toe (”Dat is gesproken, zie” in de eerste alinea), maar brengt in het bijschrift bij de foto ook graag nog eens onder de aandacht dat “ze best op nog enkele andere lichaamsdelen trots mag zijn”. Vetzak.

Woensdag was het even rustig, maar op donderdag bereikte ons het bericht over het verjaardagsfeestje van Brooklyn Beckham, met deze schitterende openingsparagraaf…

Wij vinden dat alles op zijn tijd moet komen, maar David en Victoria Beckham denken daar blijkbaar anders over. Dinsdag vierde hun oudste zoon Brooklyn zijn negende verjaardag in het gezelschap van Heidi Klum en Eva Longoria. We bedoelen: wie nodig je dan uit als je zoon zestien wordt, of achttien? Shrek en de Ninja Turtles?

Wij daarentegen vinden dat je een journalistieke tekst beter niet begint met “Wij vinden dat”, en dat je best ook onnozele vergelijkingen achterwege laat. Ik bedoel: als je toch zo’n behoefte hebt om je mening te ventileren en (al dan niet gefundeerd) op mensen hun kap te zitten, begin dan een blog.


HLN op bezoek

De blunders van hierboven zijn uiteraard klein bier in vergelijking met die van vorige week. “Aha, maar ik snap wel wat je aan het doen bent. Je bent de spanning aan het opbouwen, om dan met een paar echte toppers uit te pakken!” Ik hoor het jullie zo al denken… Geen slechte redenering, daar niet van, maar ik moet jullie toch teleurstellen.

Want dit is namelijk het ‘ergste’ van een hele week (lb). Tuurlijk, ik zou ook schrijffoutjes kunnen beginnen bekritiseren, of over grammatica beginnen leuteren, maar dat zou muggenzifterij zijn. Eerlijk waar, (lb) heeft deze week een redelijk vlekkeloos parcours afgelegd, en je kan me niet verwijten dat ik m’n research niet (of maar halvelings) gedaan heb.

Is daarmee het einde van de lb-week (en van deze post) in zicht? Niet bepaald, want er zijn nog een paar opmerkelijke gebeurtenissen in de rand die het vermelden waard zijn. Zo is er bijvoorbeeld de comment bij Dick Richie die de ware identiteit van (lb) onthult, maar ook de ‘anonieme’ commentator die het opnam voor (lb) en het nodig vond om ons zielig te noemen.

Anoniem is behoorlijk relatief op internet, en het IP-adres van de reactie liet zich al snel vertalen naar ‘net-hln.persgroep.be’. Zowaar een HLN-medewerker die de discussie aandurft! De reacties (en reacties daarop) vind je bij dit bericht; ik neem intussen de vrijheid om hier te reageren op de laatste comment van ’schrijverken mijn’. Here goes:

Beste schrijverken mijn,

Laten we jouw eerste twee meninkjes inderdaad laten voor wat ze zijn, en meteen overgaan tot de inhoudelijke discussie over journalistiek. Want die durf je blijkbaar niet te voeren.

Je probeert onze argumenten af te zwakken door te schermen met de anciënniteit van (lb) en de werkdruk op de redactie van HLN. Veertig artikels per dag is een lichte overdrijving, maar ik ben eerlijk gezegd geschrokken van het aantal artikels dat 1 auteur op een dag uit zijn pen wringt. Ik twijfel er dus geen seconde aan dat de werkdruk gigantisch hoog ligt. Net zoals ik er niet aan twijfel dat (lb) best een sympathieke kerel zal zijn, die al heel wat watertjes doorzwommen heeft.

Helaas doet dat hier niets ter zake. Het is mij/ons vooral te doen over het gebruik van woorden en zinsneden zoals ‘froeter’, ‘aan de zuip’, ‘afbollen’, ‘ik heb zoiets van’, ‘uitvijzen’, ‘den Orlando’, en gelijkaardig amateuristisch gepruts in journalistieke teksten. En dan heb ik het niet eens over het continu doorspekken van die teksten met eigen meningen en irrelevante randopmerkingen. Blijkbaar gaan wij uit de bocht door ons hier in op te winden, dus zou jij, als ervaren journalist, ons alsjeblief even willen uitleggen hoe je zo’n taalgebruik op een krantensite rechtvaardigt?

Je hebt het over een “deportatie naar de internetredactie”. Die woordkeuze zou wel eens de verklaring van dit alles kunnen zijn. Mijn eigen ervaring leert me namelijk dat heel wat kranten- en magazinejournalisten het internet nog altijd als een inferieur medium zien. Zou het kunnen dat (lb), een gerespecteerd krantenjournalist, om een of andere reden tegen wil en dank bij de internetjourno’s beland is? En dat die misnoegdheid zich uit in de kwaliteit van (sommige van) zijn artikels? Het is maar een hypothese natuurlijk, maar ik vind je ‘deportatie’-zinnetje behoorlijk intrigerend.

Hopelijk laat je gauw weer iets van je horen. Ik vind dit namelijk een zeer boeiende discussie.

Hoogachtend,
Andhi

Oh, en naar het schijnt neemt Ruben de fakkel over voor ‘De week van (lb) — deel 3′. Veel plezier dude.

blog comments powered by Disqus